9 De Oostelijke Eilanden, Amsterdam Centrum
Korte beschrijving
Het oosten van Amsterdam is de leukste hoek van de stad. Het ligt op de flank van het IJ en is heel lang havengebied geweest. Daarom is er veel industrieel erfgoed te bewonderen. Dat geeft een mooie afwisseling in de stadsbouw. Er ontstaan ook telkens nieuwe buurtjes. Wij gaan het Marine Etablissement bezoeken, Kattenburg, Wittenburg en Oostenburg en wandelen via het Entrepotdok terug
Ga direct naar de routebeschrijving op RouteYou
Download de routebeschrijving in PDF
1 Zeemanshuis
Op het Kadijksplein staat het voormalige Zeemanshuis. Het is een klassiek gebouw uit 1856 in wat ik maar de Koning-Willem-III-stijl noem, de Nederlandse variant op de Victoriaanse stijl, een beetje protserig, met torens, balkons en vlaggen. Het Zeemanshuis is zijn allure een beetje kwijtgeraakt doordat het meerdere malen is verbouwd en opgetopt. Hier sliepen de zeelieden van de grote vaart als zij voor enkele dagen aan wal gingen. In de jaren 1970 is deze faciliteit tegelijk met de haven naar het Westelijk Havengebied verplaatst. Op dit moment is het gebouw in gebruik bij de Youth With A Mission, die de wereld willen verblijden met Jezus als voorbeeld.
2 Arcam
Aan de Prins Hendrikkade staat het gebouwtje van Arcam, het Architectuur Centrum Amsterdam. Het bijzonder vormgegeven gebouwtje van René van Zuuk uit 2003 is gevouwen in een ‘huid’ van verzinkt aluminium. Leuk om na afloop van de wandeling te bezoeken.
3 Scheepvaartmuseum
Voor ons verrijst het Scheepvaartmuseum als een castellum op uit het water. De knoeperd is in 1656 gebouwd als het Zeemagazijn of arsenaal van de Admiraliteit, afdeling Amsterdam. Het ontwerp is van stadsarchitect Daniël Stalpaert: een monumentaal classicistisch, symmetrisch gebouw in het kwadraat.
Toen Nederland nog een republiek van zeven provinciën was (1581 – 1795) werd de Marine Admiraliteit genoemd, het legeronderdeel ter zee. Het stond onder gezag van de stadhouder, voor zover die er was, en anders van de Staten-Generaal. Het kantoor van de Admiraliteit was aan de Oudezijds Voorburgwal in het Princenhof. Michiel de Ruyter, één van de admiralen, moet geregeld tussen daar en hier heen en weer gelopen hebben.
4 Marine Etablissement
Het Marine Etablissement is militair terrein, al sinds de 17e eeuw. Sinds 2015 is de zuidwestkant opengesteld voor het publiek. Er zijn plannen om dit aantrekkelijke stukje stad voor woningbouw te ontwikkelen.
Het terrein wordt afgeschermd van de buitenwacht door een lange muur en een langgerekt gebouw. Het Poortgebouw is onderdeel van dit lange gebouw, de Voorwerf. Het is nog het enige originele gebouw uit de 17e eeuw. Ooit lagen even verderop in een dok of op de oever tal van schepen in aanbouw of in onderhoud. Het zal toen wel een bedrijvigheid van belang geweest zijn. De functie van werf is in 1915 opgeheven.
Het marineterrein is in de loop der eeuwen van gedaante veranderd door aanplempingen en inkaderingen. In de 19e eeuw werden indrukwekkende gebouwen in de koning-Willem-III-stijl gebouwd om de officieren en kadetten te huisvesten. In de jaren 1960 onderging het terrein opnieuw een metamorfose. Een stuk water werd ingepikt voor de IJ-tunnel en veel gebouwen zijn gesloopt. De nieuwe inrichting straalt lichtheid en doelmatigheid uit. Architect/ingenieur Frans de Weger was verantwoordelijk voor de stedenbouwkundige vormgeving het ontwerp van veel gebouwen.
In 2013 heeft Defensie het terrein grotendeels verkocht aan de gemeente Amsterdam, die hier een leuke wijk wil bouwen. In 2018 bedacht Defensie zich: om strategische redenen is het belangrijk een post in de hoofdstad te behouden.
Hoe dan ook, het terrein zal herontwikkeld worden. De gemeente bereidt dat natuurlijk goed voor en verwacht rond 2026 te kunnen starten met de uitvoering. De plannen kun je hier bekijken.
Nu kunnen we nog genieten van de ruimtelijkheid van het gebied.
5 Fontein
Links voor ons op het veld staat de fontein van Arthur Spronken. Vier vrouwelijke boegbeelden met een pronte voorgevel en wapperende haren besproeien een wereldbol. Als je goed kijkt zie je dat de dames nogal teleurgesteld kijken. Of staan ze juist heel ontspannen te genieten?
6 Commandantsgebouw
Het Commandantsgebouw was het kantoor van de commandant en zijn staf. Met een lange luifel is het verbonden met de woning van de commandant. De commandant had een prestigieuze functie. De benedenverdieping van zijn kantoor was bestemd voor representatieve doeleinden. Beide zijn ontworpen door Frans de Weger en zijn medewerkers.
7 Officiersgebouw
Het officiersgebouw is gebouwd in 1966. Hier overnachtten doordeweeks de officieren, met de mess op de verhoogde benedenverdieping. Er werden ook chique diners gehouden waarbij de officieren en hun partners in vol ornaat verschenen. Pension Homeland de leuke vintagestijl behouden.
8 Verbindingsschool
De verbindingsschool van de Marine is ook een gebouw uit de jaren 1960, met lelijke grindpanelen. Hier kregen kadetten les in het leggen van communicatielijnen tussen de verschillende schepen en de commandoposten. Op het dak is een seinvlaglesgebouw gemaakt in de vorm van een scheepsbrug. Later is het gebouw nog eens opgetopt.
Tja, moet je dit gebouw bewaren? Op dit moment wordt onderzocht of het herontwikkeld kan worden.
9 Technische Opleiding Koninklijke Marine
De gebouwen van de Technische Opleiding Koninklijke Marine, op hun hoge poten “maken een krachtig stedenbouwkundig gebaar naar het Oosterdok”, zoals het in de cultuurhistorische verkenning (2018) van de gemeente wordt omschreven. Die betonnen poten verwijzen naar de hoogbouw van de befaamde architect Le Corbusier. De gebouwen staan op de nominatie om bewaard te blijven. Het gebouw is inmiddels gerenoveerd door architectenbureau SLA en voorzien van houten lamellen. Er zijn nu allerlei kleine bedrijfjes in gevestigd. SLA heeft van het lage tussengebouw, voorheen de sportzaal, een dependance voor volwassenen van het technologiemuseum NEMO gecreëerd: De Studio. Het gebouw is opgesierd met een dubbele laag van contourplaten, stalen platen waar auto-onderdelen uit gesneden zijn. Neem een kijkje: https://www.nemosciencemuseum.nl/nl/de-studio/over-de-studio/
10 Nemo
Het NEMO Science Museum (opening 1997) nodigt de bezoekers uit te participeren in technische proeven. Heel leuk om meer besef te krijgen van techniek en natuur. Architect Renzo Piano ontwierp voor NEMO een uniek gebouw. Hij negeerde de conventies: verticale muren en horizontale vloeren, rechte ramen en deuren. Het gebouw staat op de zuidzijde van de IJ-tunnel. Piano maakte een ontwerp dat de neergaande lijn van de tunnel weerspiegelde in de opgaande lijn van de ronde boeg en romp. De aparte vorm is nog eens benadrukt door het materiaal waarmee het bekleed is: geöxideerd koper. Op het dek van het gebouw is een openbaar terras.
11 Onderofficierenhuis
Het onderofficierengebouw is vermoedelijk in de jaren 1990 helemaal gerenoveerd en van uiterlijk veranderd. Het leek het bewaren niet waard, maar de mensen van Kanteen25 hebben er een mooi restaurant in gevestigd, met een hotel erbij.
In het langgerekte legeringsgebouw (1985) daarachter, met zijn apathische vierkante raampjes, sliepen de gewone manschappen. Je hoeft geen expert om te zien dat dit geen cultuurhistorische waarde heeft.
12 Scheepstimmerwerkplaats
De Scheepstimmerwerkplaats is een van de weinige gebouwen aan de slopershamer ontkwamen. Het is gebouwd in het midden van 19e eeuw. Het blijft bewaard om de historische gelaagdheid van de wijk te behouden. Er is tijdelijk een café-restaurant in gevestigd, Het Scheepskameel, naast allerlei kleine bedrijfjes zonder publieke functie. Het Marineterrein wordt voor de gemeente beheerd door een bureau dat ruimtes tijdelijk verhuurt aan kleinschalige ondernemingen, die passen bij het autoluwe karakter van de wijk.
13 Depot Scheepvaartmuseumn
Dit geheimzinnig glinsterende gebouw is het depot van het Scheepvaartmuseum. Het is bekleed met een huls van titanium en vrijwel geheel gesloten om de spullen te beschermen tegen overdadig licht. Alleen aan de achterkant zijn ramen. Het gebouw is 90 meter lang en in de bulten zitten de installaties. Het is een ontwerp van Liesbeth van der Pol.
14 Districtskantoor Marechaussee
In de verte zie je nog een geheimzinnig gebouw, groot, vierkant en met kleine raampjes. Het is een moderne tegenhanger van het Scheepvaartmuseum aan de andere kant van het terrein. Het is ontworpen door de Duitse architect Norbert Wansleben als kantoor en garage van de Marechaussee. De architect wilde uitdrukking geven aan onze ambivalente houding ten opzicht van de Marechaussee: we willen een veilige samenleving, maar staan tegelijkertijd sceptisch tegenover de beveiligers. Kun je dit concept aflezen aan het gebouw? Jammer dat de Marechaussee het gebouw gaat verlaten.
15 Portiersgebouw
Het Portiersgebouw (1982) is een voorbeeld van de onpersoonlijke kunststofarchitectuur uit die jaren. Maar ja, het is wel van het vermaarde architectenbureau Benthem en Crouwel, van o.a. de nieuwbouw van het Stedelijk Museum, de badkuip. Het is de bedoeling om dit pand, inclusief het blauwe wachtershuisje, te bewaren als exemplaar van de historische gelaagdheid van het terrein.
16 Kattenburg
De Kattenburgerstraat was tot 1970 een smalle straat, 10 meter breed, met aan de overkant een jordaanachtig volksbuurtje. Ooit, in de achttiende eeuw, woonden hier volkse types. Om onduidelijke reden waren zij op de hand van de stadhouder, Willem V van Oranje. In 1787 hielden zij, na de onderdrukking van de Patriottische Revolutie door de Pruisen, een ‘bijltjesdag’. Ze trokken de Oostenburgergracht over en molesteerden de patriottisch gezinde stadsregenten.
In de jaren 1960 is de oude buurt gesloopt en het duurde zeker tien jaar voordat de nieuwbouw van start ging. Het was de tijd van grootschalige stedenbouwkundige experimenten met het scheiden van functies: wonen, werken en transport werden uit elkaar gehaald. De auto’s kregen een brede verkeersstraat en aparte garages, het binnenterrein is bijna autovrij. Geen winkels of kantoren. Hier wonen mensen, meestal verheven boven de berghokken, in royale maisonnettes, voor Amsterdamse begrippen. Het geheel is ontworpen door Dick Apon, die met zijn partners van bureau ABBT ook verantwoordelijk was voor de opzet van Almere Haven.
17 Wittenburg
Wittenburg was ooit een eiland met veel verschillende werven, waar schepen voor de koopvaardij werden gefabriceerd. Rond 1900 verhuisde deze bedrijfstak naar Amsterdam Noord. Tussen al die werkplaatsen woonden nog genoeg mensen om een grote kerk te bouwen, de Oosterkerk. 40 jaar geleden stond er ook nog een neo-gothische katholieke kerk, de Sint Anna. Alles bij elkaar was Wittenburg een leuke Pietje Belhabitat.
De herontwikkeling van Wittenburg is eind jaren 1980 van start gegaan, ruim tien jaar na Kattenburg. De lichte materialen maken het een stuk vriendelijker; de strokenopstelling van de flats houdt het zicht naar het water open. Hier is ook meer (parkeer)ruimte voor de auto en er zijn meer winkels en andere voorzieningen.
18 Markerhuisje
Het Markerhuisje is een replica van het woonhuis van een van de werfeigenaren. In 2000 ging het ging veel buurtbewoners aan het hart dat alle originele gebouwen gesloopt werden. Het huisje is een paar jaar later in de oorspronkelijke Markerstijl herbouwd.
19 Oostenburg
Oostenburg had tot voor kort nog het meest een industrieel karakter. Er staat nog een groot pakhuis en arbeiderswoningen. Vlak over de brug stond ooit het grote VOC-zeemagazijn, met een gevel van 200 meter lang. Maar het gebouw is in 1822, 25 jaar na het faillissement van de VOC ingestort. Algemeen wordt aangenomen dat de corruptie van de bewindvoerders de VOC fataal is geworden. Het pakhuis staat het symbool voor de VOC-mentaliteit.
20 Werkspoor
Tussen de huurkazernes en rommelbouw staat het kantoor van de Nederlandsche Fabriek van Werktuigen en Spoorwegmaterieel, kortweg Werkspoor genoemd. Het bedrijf nam rond 1900 half Oostenburg in beslag. De onderneming was voortgekomen uit een fabriek voor stoombootmachines, die hier in 1827 neergestreken was. Het kantoorpand is een creatie van de gebroeders Adolf en Johan van Gendt, die in de stad tal van utiliteitsgebouwen hebben neergezet. Het echte werk werd aan de andere kant van de Oostenburgerdwarsvaart gedaan.
21 Oostenburg
Op Oostenburg bouwden de gebroeders Van Gendt vijf gigantische fabriekshallen voor Werkspoor, de Van Gendthallen. Hier werden de locomotieven gebouwd en andere machines en onderdelen, voor klanten van over de hele wereld. Moet je je voorstellen, hoeveel energie en lawaai hier heersten en wat voor een krachtpatsers er gemaakt werden, een combinatie van zware industrie en hoogwaardige techniek. En hoeveel mensen hier aan het werk waren.
In 1954 is Werkspoor gefuseerd met Stork Machinebouw, die achter op het eiland nieuwe fabriekshallen liet bouwen. Die aluminium staketsels zijn inmiddels gesloopt. Eind vorige eeuw is het bedrijf totaal gereorganiseerd en de activiteiten op het eiland zijn afgebouwd.
Lange tijd lag Oostenburg er bij wijze van spreken werkeloos bij. Toen werd in 2000 een groot spiegelend gebouw neergezet, Init, waar de redacties van De Pers Groepkranten introkken, Trouw, De Volkskrant, Parool. Nu, 20 jaar later, verrijzen flink hoge appartementencomplexen. Het Oostenburgereiland wordt een wijk met 1800 woningen. Er worden dichtheden bereikt van 150 woningen per hectare. Dat is flink meer dan in de binnenstad. In mijn ogen wordt het een spannend wijkje, dat doet denken aan het Meat Packers District op Manhattan. De Van Gendthallen blijven bewaard als industrieel erfgoed en worden herontwikkeld voor bedrijvigheid en horeca.
22 Militaire bakkerij
Op de hoek, Conradstraat nummer 423 en 421, staat een fraai stuk erfgoed. Dit was rond 1900 de militaire bakkerij; hier werden duizenden broden per dag gebakken. Verderop staan twee beheerdershuisjes onder één kap. Wat een gekke plek voor een militaire bakkerij!
23 Czaar Peterbuurt
De Czaar Peterbuurt is de buurt van Ciske de Rat. De film met Danny de Munk uit 1984 is deels in deze buurt opgenomen. Eind 20ste eeuw was de Czaar Peterbuurt niet echt een aantrekkelijke woonomgeving. In 2004 werd hier Het Blok opgenomen, een televisieformat, van de commerciële televisiezender Net 5. Jonge kopers konden voor een redelijke prijs een kluswoning kopen en opknappen. Daarmee toonden zij aan dat je hier best leuk kon wonen. Inmiddels is de Czaar Peter flink verbouwd en is er ook veel nieuwbouw gepleegd. Het is een doorgangsweg geworden voor mensen uit het Oostelijk Havengebied en Het Funen, een nieuwe buurt even verderop. De sfeer is een stuk gezelliger geworden.
24 Stadsbank van Lening
Een onopvallend gebouw, dat toch opvalt, is het voormalige hulpkantoor van de Stadsbank van Lening, de lommerd. Eigenlijk staat het gebouw aan de Conradstraat en kijken we tegen de achterkant aan. Dit gebouw is tegenwoordig restaurant, met terras aan de zonnig kant. De koks van In Stock koken graag met buitenbeentjes en restjes.
De Stadsbank van Lening heeft nog vestigingen in Osdorp en de Bijlmer, en het hoofdkantoor is nog altijd aan de Nes.
25 Gemeentelijk Energie Bedrijf
Het stuk, tussen de Hoogte Kadijk en het Entrepotdok was ooit het domein van het Gemeentelijk Energie Bedrijf. Hier stond een elektriciteitscentrale die liep op steenkolen, onvoorstelbaar nu. De gebouwen gelden tegenwoordig als industrieel erfgoed. In lijn met EU-voorschriften werd het bedrijf begin deze eeuw verkocht aan NUON.
Het onderstel van de steenkolenopslag om de hoek aan het Entrepotdok is hergebruikt in het gebouw Aquartis van Liesbeth van der Pol, dezelfde architect als van het Scheepvaartmuseumdepot op het Marine Terrein.
26 Entrepot
Het Entrepot werd in tussen 1827 en 1840 aangelegd. Het plan kwam van Koning Willem I, de kanalenkoning. De nieuw opgerichte douane- en belastingdienst had na het instorten van het grote VOC-magazijn op Oostenburg in 1822 behoefte aan een opslagplaats. Toen werd er nog vooral belasting geheven in de vorm van accijnzen op goederen. Aan beiden kanten van het dok verrezen pakhuizen met een diepte van 30 of 40 meter en vijf meter breedte. De vormgeving was in handen van stadsbouwmeester Jan de Greef.
Toen eind 19e eeuw het Centraal Station werd aangelegd samen met de oostelijke spoorlijn, werd het Entrepotdok vanuit het IJ moeilijk bereikbaar. Een nieuw pakhuizencomplex werd gebouwd in het Oostelijk Havengebied. Het Entrepotdok werd overbodig en verwerd tot rommelgebied.
Na heel lang gesteggel is een flink deel van het complex door De Dageraad herontwikkeld tot sociale woningbouw, samen met architect Joop van Stigt. Een flinke opgave, waarbij de panden in het midden opengebroken werden om licht en lucht toe te laten en gemeenschappelijke ruimtes te creëren. Bij elkaar zijn het zo’n 400 woningen plus bedrijfsruimtes en parkeerplaatsen.
De twaalf kalenderpanden zijn 1996 gekraakt. Het werd een broedplaats voor buitenbenen en creatievelingen zonder winstoogmerk. In 2000 ontruimde de gemeente het complex en liet het verbouwen 42 luxe appartementen.
Nu is het een geweldig stukje stad, op de flank van Artis.
27 Poortgebouw
Het Poortgebouw is uit 1830. Hier werd de administratie bijgehouden. Het is een ontwerp van stadsbouwmeester Jan de Greef (1784 – 1834). De Greef werkte in een tijd dat het neo-klassicisme als eerste van de neostijlen in de architectuur in zwang was. In het Poortgebouw zie je tympanen en zuilen. De Greef werkte ook aan de uitbreiding van jachtslot Soestdijk en het Paleis van Justitie aan de Amsterdamse Prinsengracht.
Klik hier om uw eigen tekst toe te voegen































